
‘Ik doe de dingen op mijn eigen manier’ - Jacques Grubben nieuwe pastoor parochie H. Johannes de Doper
Schaijk 3.605 keer gelezenSCHAIJK - Jacques Grubben (foto) is zondag 1 oktober in de Schaijkse kerk officieel geïnstalleerd als nieuwe pastoor van de parochie H. Johannes de Doper, waarin hij al sinds 1 mei actief is als opvolger van Harald Spiertz. Na de viering brachten de gilden uit de parochie een vendelgroet. De dag werd afgesloten met een drukbezochte receptie. (foto’s: Martien van Poppelen)
Grubben omschrijft zichzelf als mensenmens; iemand die houdt van korte lijntjes en graag koffie drinkt om anderen beter te leren kennen. De afgelopen maanden is hij al op veel plekken op bezoek geweest om zichzelf voor te stellen en nader kennis te maken. Voordat hij naar Noordoost-Brabant kwam, was hij vier jaar pastoor in Nijmegen. “Daar liep ik tegen grenzen aan”, vertelt Grubben. “Ik heb er van alles meegemaakt en begon er zelf onder te lijden. Dat is waarschijnlijk de reden dat de bisschop mij gevraagd heeft voor deze parochie.”
Zijn voorganger bewandelde de omgekeerde route. “Meestal is het een carrousel, maar dit keer was het een ruil”, legt Grubben uit. “Het is sowieso de bedoeling dat je eens in de zoveel tijd ergens anders gaat kijken. Na het verzoek vanuit het bisdom hebben Harald en ik contact gehad. Nadat we het even hadden laten bezinken, zagen we het allebei wel zitten. Ik voelde me direct welkom. Ik ben een Brabander onder de Brabanders. Ik ben sowieso veel meer een dorpspastoor dan een stadspastoor.”
Een overeenkomst tussen Spiertz en Grubben is dat ze allebei zonder rijbewijs in de parochie zijn gestart. “Ik mag graag fietsen”, verklaart de nieuwe pastoor. “Dan kan ik onderweg stoppen en afstappen om een praatje te maken met de parochianen. Een andere keer fietsen we samen naar een viering. Het heeft veel voordelen.”
Bij het gebrek aan rijbewijs houden de parallellen tussen Spiertz en Grubben echter wel op. “Ik ben een heel ander persoon; een echte verbinder”, zegt Grubben. “Ik ben gestart met een charmeoffensief om zoveel mogelijk mensen te leren kennen. De afgelopen maanden heb ik actief mensen benaderd om kennis te maken. Als het eerste contact gelegd is, vind je elkaar in de toekomst ook makkelijker. Zo werkt het nu eenmaal: om elkaar te vinden, moet je elkaar eerst kennen. Ik doe de dingen op mijn eigen manier. Het is belangrijk om steeds de dialoog op te zoeken. Vanuit het verleden zijn mensen dat niet gewend, maar dat is wel de toekomst.”
Naast het leren kennen van de inwoners uit de parochie heeft Grubben ook een aantal dossiers om zich in te verdiepen. “Die moeten richting krijgen”, licht hij toe. “Neem bijvoorbeeld het familiepastoraat. Hoe halen wij gezinnen bij elkaar en hoe zorgen we voor een gezinsvriendelijke eucharistieviering met kinderlijke attributen? Dat is iets waar we nog meer invulling aan willen geven. Daar ligt nu de focus.”
Een ander vraagstuk is de toekomst van de kerken. “We moeten accepteren dat het niet langer mogelijk is dat elk dorp een eigen kerk heeft”, stelt Grubben. “Dat is verleden tijd. Het is niet ondenkbaar dat je in de toekomst naar een ander dorp moet voor een viering. Aan ons de uitdaging daar goede invulling aan te geven. Niks is onaantastbaar. We kijken naar alles: de kerk, het aantal bezoekers, de kosten, mogelijkheden, vrijwilligers en nog meer. Het zal een lang proces worden dat we zorgvuldig moeten doorlopen. Laat mij hier de komende 12 jaar maar in vastbijten. Dat is iets dat ik graag doe. Dan ontwikkelen we met z’n allen samen een visie gestoeld op goede argumenten. Vervolgens voeren we dat programma uit.” Wat dit betekent voor kleine kernen durft Grubben niet te zeggen. “We moeten realistisch bekijken wat te handhaven is. Eén ding zien we allemaal: zo kan het niet doorgaan. Daar moeten we het samen over hebben. Dat vergt een stukje acceptatie.”
De komende tijd zet Grubben zijn charmeoffensief voort. Hij is pastoor voor iedereen en komt graag op de koffie voor een nadere kennismaking. “Wat er ook gebeurt, het is belangrijk dat we met elkaar in gesprek blijven. Ook bij moeilijke zaken. Misschien júist bij moeilijke zaken.”





















