
Lokaal Maashorst wil opheldering over vertraging flexwoningen Schaijk en Zeeland
Maashorst 388 keer gelezenMAASHORST – Lokaal Maashorst wil van het college van B en W duidelijkheid over de volgorde waarin flexwoninglocaties in Uden, Zeeland en Schaijk worden ontwikkeld. Fractieleider Christa van de Langenberg heeft hierover schriftelijke vragen ingediend. Directe aanleiding is de voortgang van de Boekelsedijk in Uden, Repelakker in Zeeland en Moleneind en Molenaarstraat in Schaijk. (foto: Provincie Noord-Brabant)
Tijdens de extra raadsvergadering van 30 juli vroeg Lokaal Maashorst al waarom het college een volgorde heeft aangebracht in de ontwikkeling van de locaties. Volgens de fractie kwam daarop geen inhoudelijk antwoord. Wethouder Cock de Jong zou wel hebben aangegeven dat de gekozen volgorde ertoe heeft geleid dat de locaties in Schaijk en Zeeland nog niet zijn opgepakt.
Dat baart Van de Langenberg zorgen, zeker nu woningcorporatie Area zich heeft teruggetrokken uit de ontwikkeling aan de Boekelsedijk. “Deze keuze is van belang voor de raad, omdat vertraging of stagnatie op één locatie daardoor rechtstreeks kan doorwerken naar andere kernen.”
De fractie wil weten wanneer, door wie en op basis van welke argumenten tot de volgorde is besloten. Daarbij vraagt Lokaal Maashorst onder meer of beperkte ambtelijke capaciteit, financiële of juridische factoren, netcongestie of afhankelijkheid van dezelfde woningcorporaties en marktpartijen een rol spelen. Ook moet het college per locatie inzicht geven in de huidige projectfase, verrichte werkzaamheden, uitvoeringspartners, risico’s en eerstvolgende mijlpalen. Van de Langenberg wil bovendien weten hoeveel vertraging in Zeeland en Schaijk inmiddels door de gekozen aanpak is ontstaan en of stagnatie aan de Boekelsedijk deze projecten verder ophoudt.
Een belangrijk punt is waarom de locaties niet gelijktijdig worden ontwikkeld. De fractie vraagt welke mogelijkheden zijn onderzocht om planvorming, participatie, haalbaarheidsonderzoeken en ruimtelijke procedures parallel te laten verlopen. Lokaal Maashorst legt daarbij een verband met de woningnood en opvangopgave. De partij vraagt het college hoe de gekozen volgorde zich verhoudt tot “de aangekondigde spreiding over de kernen en de presentatie van de locaties als één samenhangende aanpak”.
Tot slot vraagt Lokaal Maashorst wat nodig is om de projecten in Zeeland en Schaijk vanaf nu parallel aan de Boekelsedijk voort te zetten en of het college bereid is de volgorde te heroverwegen. De partij wil de antwoorden bij voorkeur vóór de commissievergadering van 24 september ontvangen, zodat ze kunnen worden betrokken bij de politieke bespreking en voorbereiding van een mogelijk interpellatiedebat.




















