
De benen van Harrie! - Column Jan van As
Column 121 keer gelezenDoor een hardnekkige blessure aan mijn linkervoet ben ik momenteel van de been wat betreft wandelen. Maar gelukkig is er ook nog de fiets. In plaats van het wandelen door de Maashorst, maak ik nu flinke fietstochten in de vroege morgen en ook daar kun je leuke mensen tegenkomen.
De route is verschillend, maar ik beperk mij zoveel mogelijk tot het asfalt. Want als je al een tijdje niet meer zoveel gepeddeld hebt, dan slaat uiteraard de zadelpijn toe. De zweefbeentjes laten jou weten dat ze er wel degelijk zijn. En met zadelpijn is glad asfalt een verlichting van het zeer. Als het te gortig wordt dan stap ik ooit even af en wandel naast mijn fiets. Dat is een tip van een wielrenner, net als het advies dat je op het hele zadel moet gaan zitten en zover mogelijk naar achteren.
Bij Mill zag ik voor mijn ogen een ongeluk gebeuren. Daar waren twee meneren die heel verstandig waren door bij een oversteek van de grote (Peel)weg even af te stappen, zodat je goed kunt uitkijken. Een van de mannen bleef schrijlings op zijn fiets staan en toen de kans er was dat ze konden oversteken, sprong hij meteen op het zadel. Maar hij had zijn fiets in een grote versnelling staan, daarom bleef de trapper zwaar, waardoor hij slingerde en dus geen snelheid kreeg. Gevolg was dat hij tegen zijn maat aan fietste. Samen lagen ze op het middenstuk van de afschuwelijk drukke oversteek, terwijl de ochtendspits langs hun heen denderde. Er kwamen van alle kanten mensen uit de gestopte auto’s en de heren werden aan de kant geholpen. Het liep gelukkig allemaal goed af en zelfs de fietsen deden het nog. Op zo’n moment zie je hoe druk die Peelweg is.
Ik vervolgde mijn reis via het riante maar lange fietspad dat naar Odiliapeel loopt. Dat is een keurig fietspad, maar de wind heeft daar vrij spel en op deze maandagochtend bleek die wind behoorlijk aanwezig te zijn. In zo’n situatie probeer ik met ‘standaard’ hulp van het motortje in het wiel van mijn fiets te volstaan en moet dan zelf behoorlijk meehelpen. En dan voel je de beentjes en daar gaat het ook om! Er is ook een standje ‘High’, maar dat is wel een aanslag op je actieradius, dat is het aantal kilometers dat je ‘te goed’ hebt, maar je moet ook rekenen dat je accu thuis gaat halen.
Terwijl het maandagmorgenverkeer over de grote weg denderde, was het op het fietspad nog rustig en ik bedacht me dat normale mensen bij zo’n wind hier niet gaan fietsen. Toch zag ik in de verte voor mij twee figuren die door de straffe wind niet zo hard vooruit kwamen, waardoor ik dus steeds dichter bij hen kwam. Toen ik bij hen kwam maakte ik een geintje door te zeggen dat ze dit jaar aan Sinterklaas ook zo’n motortje op de fiets moeten vragen, en dat ik een beetje medelijden met hen had.
Het waren twee mennekes van een jaar of 13-14 en ze zeiden dat ze niet elektrisch fietsten, want ze wilden ook van die benen krijgen als Harrie… Ik dacht meteen aan Harry Stiles die 10 concerten heeft gegeven in de Johan Cruyff-Arena en vroeg of ze die bedoelden of Harry Potter. Nee man! Ze bedoelden Harrie Lavreijsen, de baanwielrenner, maar zijn maatje vond de benen van Jeffrey Hoogland ook prima. Dus moesten ze veel tegen de wind in fietsen. En ze moesten toch elke dag naar school en konden deze extra oefeningen mooi toevoegen aan hun training straks op een hometrainer.
Ik vond dit mooi. Vorige week zagen we allemaal de voorbeeldfunctie van Rico Verhoeven en vandaag bleek dat die baanfietsers uit Bergeijk ook een rol spelen bij de sportopvoeding van deze jongens. Ik fietste nog een stukje met hen mee en vertelde dat ik vroeger, toen ik ‘n jaar of twaalf was, behoorlijk in de rats zat toen mijn ouders bij de klassenleraar moesten komen om te beslissen naar welk vervolgonderwijs Jantje moest.. Ik hoopte vurig dat ik naar de MULO mocht, want die stond bij ons in het dorp en die aanstellerige colleges en lyceums stonden in Nijmegen en dat was elke dag 2 x 25 kilometer fietsen. Maar gelukkig zag mijn klassenleraar mijn ‘talenknobbel’ en daarvoor moest ik naar 1A van de MULO en dat was 5 minuutjes fietsen. Dus moest ik eerst ‘eventjes’ die MULO afmaken en daarna zouden we wel zien.
Ik had al uitgerekend dat ik tegen die tijd toch wel een brommer zou hebben.
Jan van As



















