
Hondje - Column Jan van As
ColumnDeze week een verhaal dat al ’n paar maanden geleden gebeurde, maar wat ik pas kon doorvertellen als ik zeker weet dat het is afgelopen zoals ik hoopte dat het zou aflopen.
Van de zomer kuierden wij rustig achter het Inkakamp, we waren al een heel eindje van onze auto verwijderd en behoorlijk diep in de bossen, om preciezer te zijn vlakbij het Smerdel. Het Smerdel is een soort van mangrove, er staan dus bomen met hun voetjes in het water en dat trekt allerhande gasten aan, zowel mensen als dieren. Er staat ook een bankje en als je daar gaat zitten en stil bent, dan sta je versteld van wat je allemaal hoort en ziet. Dat strekt zich uit van kikkers tot diverse soorten spechten maar ook grotere vogels als de buizerd die zich daar midden in het bos waagt.
Daar ontmoet ik af en toe, en nu ook, een natuurfotograaf met een rugzak waar een enorme telelens uitsteekt. Hij legde ons uit dat die buizerd eigenlijk boven de wisenten in de open air moest vliegen, want dan kan hij z’n prooi zien. Je wilt niet weten hoeveel muisjes zo’n beest elke dag opvreet. Hij moet er per dag minstens 5 stuks verschalken, maar hij kan ook een haasje of zo vangen en dat is dan voor die hele dag genoeg! Dieren zijn niet als mensen. Genoeg is genoeg, dus eten ze alleen wat nodig is. En bij de dieren is geen obesitas, alleen bij de hondjes die bij mensen wonen.
Terwijl wij daar rustig zitten te keuvelen, je moet zachtjes praten, steekt Zappatoo zijn oren op en zien ook wij opeens een hondje. Het hondje wordt hartelijk ontvangen en Zappatoo controleert zijn paspoort door even goed te snuffelen. Wij vragen aan het hondje wie hij dan toch is en waar zijn baasje dan toch wel is… Maar hij zegt niks terug! Het hondje voelt zich opvallend comfortabel en besluit om even te blijven en als ik Zappatoo laat drinken dan hoort daar een koekje bij, dus hondje krijgt ook een koekje. Dat is helemaal fout en dat weet ik heus wel, hij smult ervan.
Als we gaan vertrekken zegt de natuurfotograaf dat hij het hondje wel mee zal nemen naar de Boshut, want daar zitten vaak hondenwandelaars aan de koffie. Daar stem ik mee in en als de man het hondje roept is het net of het gewoon zijn hond is. Hij roept zelfs een naam en het beestje volgt hem en doet dat dus zonder riem! Als ik verder loop vind ik het toch raar, het hondje loopt keurig naast de fotograaf en ik denk dat die man zich geneerde voor het feit dat het hondje losliep en ons mooi voor de gek houdt met zijn eigen hondje. Hij is immers een fervent tegenstander van loslopende honden. (Wantrouwen is ‘n lelijk ding, Jan)
Als we een kwartier later linksaf slaan om richting het Inkakamp en de auto te gaan, slaat Zappatoo opeens aan. Hij blaft en piept vriendelijk want wie komt eraan? Het hondje! En helemaal alleen! Hij drukt zich tegen mijn onderbenen aan als wilt hij zeggen: ‘Kom op met dat koekje’ en de fotograaf is nergens te bekennen. Ik kan heel hard roepen en heb ’n paar keer “Heij” gebruld, maar de natuurplaatjesschieter was nergens meer te horen of te zien. Op dat geroep van mij kwamen wel twee mensen van de camping af en zij kenden het hondje. Pfff... eind goed al goed dachten we, maar als we bijna bij de auto zijn komt daar die kennis van de camping met z’n hondje aan en die leek inderdaad sprekend op onze vondeling. Balen! Toen ik het hele spul al in de auto had zitten, was er een hardloopster en toen ik vroeg of zij een hondje kwijt was zei ze dat niet zij, maar haar vriendin bij het hardlopen wel haar hondje was kwijtgeraakt en nu overal in het bos aan het zoeken was. Helaas kun je daar niet bellen (geen bereik), maar zij zou Benzjie wel meenemen. Ze was zo doortastend dat ik instemde en zij verdween hardlopend met het hondje in het bos en we hebben er nooit meer iets van gehoord.
Tot vanmorgen. Bij het vroegere motorcrossterrein passeerde ons een rennende dame en ze vertelde dat van de zomer haar hondje was weggeglopen en volgens beschrijving van haar vriendin was ik de vinder. Ik vroeg waar hij nu was. Hij was thuis, want sinds die dag blijft hij steeds weglopen en aan de lijn met rennen kan zij niet. Maar hij komt niks tekort, want haar vriend rent wel vaak met ‘m! Ik weet wel waarom Benzjie wegloopt, hij is op zoek naar die aardige man met de koekjes!
Hebben we toch nog een kerstverhaal!
Jan van As




















