
Multumesc Sinterklaasje! - Column Jan van As
ColumnAl meer dan 20 jaren reis ik op Sinterklaasavond richting Ysselsteyn (L) en het leuke van dit dorp is dat zij het begin van de Peelweg en wij het einde daarvan zijn. Een andere bijkomstigheid is dat je in Zeeland in de auto stapt en als je ‘n dik half uur later uitstapt, de mensen niet meer kunt verstaan… (geintje). Ze praten daar precies zo als de band Rowwen Heze het bedoelt! (Die wonen daar vlakbij)
Geen bijkomstigheid is de reden van mijn reis. Er woont en werkt ook iemand die al zo’n veertig jaar een van mijn dierbaarste vrienden is. Samen met zijn partner organiseert hij de Sinterklaasavond voor een aantal vrienden. Het is al die jaren ook al dezelfde opzet en die opzet vind ik na al die jaren nog steeds bloedirritant!
Alle Sinterklazen die binnenkomen leggen hun pakje op een tafel bij de deur en je weet niet wie jouw pakje krijgt. Dan komt de dobbelsteen (grr)... iedereen moet dan dobbelen en als je zes gooit mag je een pakje pakken. Dat pakje mag je ook uitpakken en in koor roept iedereen dan “Hecht je er maar niet aan!”. Want er wordt dan verder gedobbeld tot de volgende 6 die ook weer een pakje mag uitpakken waaraan hij/zij zich niet mag hechten. Als iedereen onderhand een pakje heeft, dan wordt er nóg maar eens een keer gedobbeld. Wie dan 1 gooit moet met de buurman het pakje ruilen, als je 6 gooit mag je ruilen met elk pak op tafel.
Tijdens deze manifestatie loopt een wekker op afstand mee en alleen de gastheer weet wanneer die afloopt ten teken van einde spel. Voor alle duidelijkheid: je denkt dat je een soundbar hebt gewonnen, maar op het einde van het spel heeft zo’n beetje iedereen dat ding al even gehad zonder te hechten. Toen het afgelopen was bleek het voor mij gunstig uit te pakken. Ik had een enorme doos met daarin zes mooie wijnglazen en een fraai vogelnestkastje. Met een tuin als de onze is zo’n bouwwerk nooit weg.
Ik wilde op tijd naar huis, want het spookte buiten met hevige regenbuien. Dus om half twaalf verliet ik de feestvreugde en buiten stormde en plensde het. Ik zette mijn vogelcadeau en de rest in de grote doos op de duostoel. Er was weinig zicht en wie de Peelweg kent weet ook dat die weg bij zware regenval een soort van waterbad wordt. Als je daar doorheen ploegt moet je ‘t stuur goed vasthouden en niet te hard rijden en niet zwichten voor achteropkomers die 80 niet hard genoeg vinden. Ik vond het heftig en was zeer geconcentreerd. Bij afslag De Mortel staat een aantal lampen en in hun licht zag ik iemand staan die niet echt stond te liften, maar wel vroeg om te stoppen. Ik deed toen wat mijn dierbaren erg dom vinden, maar ik weet zeker dat ons Mam in de hemel dit besluit toejuichte. Ik stopte. Mijn rechterportier werd geopend door een jongen met een dichtgeknoopte jas met een net zo dichtgeknoopte capuchon. Onder die capuchon kwam een grote kuif blond haar uitgepiept en een jongeman die op Kurt Cobain leek zei als eerste “Multumesc” en “Buena Sera”, dat laatste is toch Italiaans? Hij vroeg welke taal hij moest spreken en hij bleek vloeiend Engels en Frans te spreken. Het regende zo hard dat ik de volgende ‘onverstandige zet’ ging maken en vroeg hem om in de auto te komen. Maar op die stoel stond het vogelhuisje & co en omdat Zappatoo eigenaar is van de rest van de ruimte heb ik alleen die stoel voor passagiers.
Voor de wantrouwige mensen kwam er weer een spannend moment, hij pakte de doos en nee doemdenkers, hij rende niet weg. Hij nam hem op schoot en vertelde zijn probleem. Zijn auto stond op de weg naar de Mortel en deed het niet meer. Hij vroeg mij of hij even mocht bellen met mijn telefoon, want de zijne lag leeg in die auto en hij kende het nummer van zijn vriend uit z’n hoofd. Dus ik nam nog maar een risico(!) en opende mijn telefoon en gaf hem die! Er was meteen verbinding, hij bleek Roemeens te zijn en zei dat zijn vriend al in de buurt was voor hulp. Ik besloot om hem dan maar even uit de regen te houden en hij vertelde uitgebreid dat ze werkten bij een bomenbedrijf en met Kerst voorgoed teruggaan om verder te studeren met het geld dat ze hier verdiend hebben. Er kwam een Golf met zijn maat en toen hij uitstapte zei hij: “Multumesc” en “noapta buna”, dat dank en goeienacht betekent, zoals hij mij tijdens ons gesprekje had verteld.
Lachend vervolmaakte hij zijn groet: “Multumesc noapta buna… Sinterklaasje!”
Jan van As



















