Grave

Verhalen uit de zorg - Els Backer: 'Ik ben trots op onze bewoners'

Door Freddy Klooté

GRAVE - Deze week weer iemand uit de zorg die met beide benen op de grond en in de coronacrisis staat. Els Backer van team blauw van Catharinahof Grave. Werkzaam bij de bewoners van de appartementen, die een zorgindicatie hebben: “Die cliënten, ik noem ze liever bewoners, hebben allemaal een andere indicatie. Krijgen dus een ander soort zorg, die past bij hun staat van welzijn”, vertelt een optimistische Els. Een vrouw die blijheid, kracht en humor uitstraalt. Door de telefoon, en dwars door de vele storingen bij Ziggo die ons land deze ochtend teisteren.

Els Backer werkt in een groep van tien verpleegkundigen die een zeer vast omlijnd programma hebben, waarin alle mogelijke vormen van zorg voorkomen. Iedere bewoner heeft zijn eigen plan. Daarnaast zijn er de gezamenlijke momenten. Bovendien heerst er nu het coronavirus, waardoor een extra dimensie aan de zorg wordt toegevoegd. Els gunt ons, met inachtneming van de privacy van haar bewoners, een blik in haar werkzaamheden.

Els Backer
Je mag Els (60) gerust een laatbloeier noemen: “Ik ben geboren in Klundert. Mijn vader werkte voor het Ministerie als Landbouwvoorlichter. Dat betekende in de praktijk dat ik, voordat ik goed en wel kon lopen al in diverse plaatsen gewoond heb. Van Axel in Zeeuws-Vlaanderen en diverse plaatsen in West-Brabant, tot ik in Willemstad mijn jeugd kon doorbrengen. Na de huishoudschool in Fijnaart wilde ik naar de INAS gaan, maar werd uitgeloot. Mijn droom om later in de zorg te gaan werken viel in het water. Ik was al oma toen de droom eindelijk uitkwam. Als vrijwilliger was ik betrokken bij een soosavond voor gehandicapten. Er ging iets mis met een deelnemer en ik heb toen uitgelegd wat er precies gebeurd was. De directeur was onder de indruk van mijn verhaal en bood me aan om daar bij de instelling te komen werken. Nou, met alle plezier natuurlijk. Ik haalde er ook nog mijn diploma SPW en kwam zo in de zorg terecht. Ik leerde er mijn huidige partner kennen. Die kwam uit Grave. Dus vertrokken we naar Grave en ging ik in Maaszicht werken. Het was 2009. Ik behaalde mijn diploma Zorg en zat dus op mijn 52ste nog op school”.

Een dag in de zorg
“Om kwart over zes ’s morgens komen we als team blauw bij elkaar. Een bakje koffie, een praatje, een lach en het programma doornemen. Om 07.00 uur staan we klaar op de werkvloer. Onze cliënten zijn mensen die zelfstandig in de appartementen kunnen wonen. Wel een zorgindicatie hebben. Die zorg hoort bij de ADL: de Algemene Dagelijkse Levensbehoeften. In het plan van de bewoner kan het aantrekken van steunkousen staan. Maar ook douchen/wassen. Of ontbijt maken. We werken echt als een team. Als we een collega kunnen helpen doen we dat. Om 10.30 uur is het koffietijd en gingen we naar het restaurant. Te voet, met de rollator of in de rolstoel. Na het praatje en de gezelligheid van de koffie werd er gegeten en daarna deden de bewoners wat ze wilden”.
Je hoort dat in het verhaal van Els de verleden tijd is ingetreden. Dat heeft natuurlijk alles te maken met de intrede van het coronavirus. Het restaurant is gesloten. Voor de koffie hebben de creatieve verpleegsters leuke en veilige hoekjes in de gangen gemaakt. Het eten wordt naar de kamers gebracht. En voor alle andere activiteiten, van wassen tot instoppen, is een veiligheidsregime van toepassing. Ze kunnen wel meedoen met de dagactiviteiten, waar ik vorige week over schreef.

Zorg in de coronatijd
“Ja, we komen soms best dicht bij de bewoners. Maar niet altijd. Als er een vermoeden bestaat van hoofdpijn of er wordt gehoest dan wordt er meteen gemeten. Temperatuur, bloeddruk en zuurstof. Is er twijfel dan wordt de huisarts ingeschakeld. Die kan op zijn beurt de GGD inschakelen voor een test. Voor ons is het bij het geringste vermoeden al tijd om mondkapjes en beschermende kleding aan te doen. Het is moeilijk om te zien of we met een griep of met corona te maken hebben. Dus zijn we vanaf het eerste moment super voorzichtig. Voor de bewoners en voor onszelf. Ik mag gerust zeggen dat onze direct-leidinggevenden Lucy van de Bosch en Rowdy Peters enorm goed voor ons zorgen. Alle mogelijke voorzieningen worden getroffen. Overal alcohol en zeep ter ontsmetting. We weten dat we beschermd gaan werken en raken nooit in paniek. Het zijn natuurlijk wel emotionele tijden. Onze bewoners mogen geen bezoek ontvangen en dat is soms zwaar. Maar ze slaan er zich moedig doorheen. Een bewoner zei me: “Zuster, ik heb ook tbc meegemaakt en toen hadden we het veel slechter”. Ik ben trots op onze bewoners, hoe ze zich aan kunnen passen. Toen ik vorige week iemand voor het raam naar buiten zag staan zwaaien, naar familie, hield ik het niet droog”, vertelt kanjer Els. “We houden het vol, mede dankzij onze superfijne collega’s in alle sectoren van Catharinahof”.

 

|Doorsturen

Arenalokaal in beeld

Laatste nieuws



Vacatures

Specials

Ondernemend nieuws

Faillissementen

Jouw Arena

Meest gelezen

Laatste reacties