Grave

Vakantie - Column Freddy Klooté

Door Freddy Klooté

Het begon eigenlijk geheel onverwacht. Tijdens een bezoek aan Zeeuws-Vlaanderen, tweede helft van de jaren ’70, kwamen we natuurlijk bij tante R. terecht. Even bijpraten. Zieken, doden, trouwpartijen. Van alles. Liefst ook door elkaar. Zo stelde ze plotseling de vraag of we misschien iemand wisten die een caravan wilde kopen. “We gaan toch niet meer naar het strand en we doen niks meer met dat ding”. Uit beleefdheid informeerde ik naar de prijs van “dat ding”.

Toen we weer buiten stonden waren we eigenaars van een caravan. “Van alle gemakken voorzien”, had tante ons verzekerd. Vrouwlief Ria en ik kregen, toen we in onze auto stapten, spontaan de slappe lach. We reden langs de opbergloods, sloegen bijna achterover van zoveel moois en maakten de afspraak dat we die supercaravan, vroeger nog “dat ding” genoemd, zo snel mogelijk zouden ophalen.

Een vriend in Grave, ervaren caravan-achter-de-auto-rijder zou het huis op wielen wel ophalen en beloofde me ook om rijlessen te geven: “Dat is geen kinderwerk, met “zo’n ding” achter je kont”.

Op het wilde terrein achter De Nachtegaal in Velp was ruimte genoeg om te oefenen. Ik snorde voor- en achteruit alsof ik nooit anders had gedaan. De vriend mompelde dat ik niet geheel zonder talent was, “maar op de echte wegen zal je nog eens wat meemaken”. Na een paar weken was ik goedgekeurd om een proefweekend met de vriend en zijn vrouw een weekend naar een camping hier in de buurt te gaan.

We vertrokken vanaf het huis van de vrienden. Natuurlijk werd eerst gecontroleerd of ik de caravan goed aan de auto had aangekoppeld. Het was perfect. We konden rijden. Ik moest voorop: “Als er wat gebeurt, kunnen we meteen helpen”, had de aardige vriend beloofd. We reden weg, ik kijk nog even in de spiegel, hoor een gekraak en zie dat de vrienden stil staan. Stoppen en gaan kijken. Met een rood hoofd meldde de goede vriend dat zijn caravan niet goed was aangekoppeld en niet mee op reis was gegaan.

Op de camping kwam de tweede grote proef. Achteruit met de auto plus caravan tussen twee bomen “dat ding” neerzetten. De vriend was paraat en stond tussen de bomen in. Ik zette de auto in de achteruit en plaatste “het ding” feilloos tussen de twee bomen. De vriend keek en ik was verbaasd. “Niet gek”, was zijn oordeel. Nu was hij aan de beurt. Na van twee tenten bijna alle haringen uit de grond en lijnen eraf te hebben gereden, -tig keer voor- en achteruit te hebben gemanoeuvreerd en de Scheppers naam te hebben misbruikt, stond ook hun caravan op zijn plaats.

Het weekend verliep gezellig. Tijd om er alleen met ons kleine gezin, vrouwlief Ria, dochter Lily en ikzelf, eropuit te trekken. Een vrijdagavond in mei. Naar een camping hier in de buurt. Bij aankomst aldaar een plek voor een seizoen gekocht, de caravan op zijn plaats gezet en daar zaten we. Een kwartiertje later werd er op de deur getikt. Dachten we. Het getik was ook op het dak en op alle ruiten te horen. Een enorme onweersbui ontlaadde zich vlak boven ons hoofd. In een mum van tijd stroomde het water over de camping.

De bui was kort maar krachtig. We besloten huiswaarts te keren en meldden ons af bij de eigenaar. In september belde ik naar de camping. Een verbaasde eigenaar informeerde naar onze lichamelijke en geestelijke gesteldheid. Ook vroeg hij of de caravan te koop was. Toen ik de prijs noemde zei hij dat hij het geld zou overmaken. “Dan kunnen de huidige bewoners er gewoon in blijven zitten”.

Freddy Klooté

|Doorsturen

Uw reactie


Arenalokaal in beeld

Laatste nieuws



Vacatures

Specials

Ondernemend nieuws

Faillissementen

Jouw Arena

Meest gelezen

Laatste reacties