Grave

Songfestival - Column Freddy Klooté

Door Freddy Klooté


Het was 3 maart 1957. Op het lage tafeltje, in de huiskamer van de familie Klooté, stonden koffie en limonade, koekjes en snoepjes al klaar. Op het kleine grijze scherm in de hoek van de kamer ging het Eurovisie Songfestival van start. Een geweldig gebeuren omdat er vanuit Duitsland beelden werden uitgezonden over een groot deel van Europa. Onbegrijpelijk. Die beelden kwamen gewoon door de lucht en gingen via een stekkertje in de muur, langs een ander stekkertje in de tv. En dan zag je en hoorde je iemand zingen.

Maar dat was niet zomaar iemand. Die zanger of zangeres zong voor zijn/haar land. Dat was in huize Klooté wel een “dingetje”. Mijn moeder was Belgisch, mijn vader Nederlands. Ze hadden elk hun favoriete lied, niet gebaseerd op tekst en muziek, maar gewoon op nationaliteit. Voor Nederland zong Corry Brokken (“verwaand” volgens mijn moeder) voor België trad Bobbejaan Schoepen op. De man die later Bobbejaanland oprichtte. (“Kan niet zingen”, volgens mijn vader). Zusje Lily en ik hadden geen enkele voorkeur, mijn hoofd was net in de opkomende rock-’n-rollstand, maar ja, we moesten toch een soort van keuze maken. Omdat ik elke middag in de schoolpauze met mijn vader voetbalde, koos ik voor Nederland, mijn zus vond het zielig voor onze moeder en koos voor haar. Het was een deftig gebeuren. Groot orkest met een wisselende dirigent, alles netjes in het pak of zondagse jurk. De limonade was snel op. Koekjes en snoep ook. Het festival kon ons niet echt bekoren, maar we mochten lang opblijven. Heel lang. En dat maakte veel goed. Toen Corry Brokken won, juichte het Nederlandse deel van het gezin. Het was stil “aan de overkant”.

Mijn ouders zijn altijd naar het songfestival blijven kijken. Ik haakte al snel af en zong een paar jaar later zelf. Meestal op Belgische podia. Dat dan weer wel. Heel af en toe zag ik na mijn korte maar heftige loopbaan op de Vlaamse podia, nog wel eens flarden van het songfestival. Het werd allemaal wat losser.
Het eerste songfestival in ons eigen huis met vrouwlief Ria, en de kleine Lily hebben we niet gezien. Lily mocht feest gaan vieren (logeren) bij opa en oma en Ria en ik waren in de namiddag nog even in een strandcafé met vrienden wat gaan drinken. Het was er gezellig. Heel gezellig. Bij thuiskomst maar snel naar bed. Dat was het beste. De jaren daarna was het of de duvel ermee speelde. Lily bij opa en oma, papa en mama ergens anders. Met vrienden. Telkens verhinderde de gezelligheid een blik op het songfestival.

Jaren later, dochter Lily keek met haar vriend absoluut niet naar het songfestival (“niets aan”) en Ria en ik probeerden een hernieuwde kennismaking. En dat viel niet mee. Van de nette optredens, het wat lichtere, was het gebeuren geëvolueerd naar een onoverzichtelijke show van vreemd uitgedoste wezens met allerlei geluiden. Van vrouwen met de baard voor de keel tot vooraf opgenomen geluidsbanden. Schrikken was dat.

Deze week is het weer zover. En weer kunnen we niet kijken. Uit solidariteit met de mensen die te dik of te oud zijn en niet binnen mogen in de plaats des onheils, slaan we vastberaden weer een jaartje over.

Freddy Klooté

|Doorsturen

Uw reactie


Arenalokaal in beeld

Laatste nieuws



Vacatures

Specials

Ondernemend nieuws

Faillissementen

Jouw Arena

Meest gelezen

Laatste reacties