Landsadvocaat mr. Loe van Erp ontvangt antwoord van Leiden: ‘Liever niet’

Keert het Vorstenzwaard terug naar Oss?

Door Theo van Duren

Het zwaard hoort in Leiden, vindt directeur Wim Weijland van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Dat is zijn reactie op de brief van landsadvocaat Loe van Erp die betoogt dat het in Oss hoort. Het zwaard is gevonden in Oss en hoort daar ook te worden tentoongesteld. Samen met de schat aan andere voorwerpen uit de grafheuvels.

Dat feest gaat dus niet door als het aan het Rijksmuseum ligt. Weijland wijst erop dat de Staat der Nederlanden eigenaar is van het vorstenzwaard en dat het Rijksmuseum door de minister is aangewezen om het te beheren. Dat betekent bewaren en tentoonstellen. Dat kan beter in Leiden dan in Oss, vindt de directeur. Want, zo betoogt hij, het Rijksmuseum heeft destijds het zwaard gered; het Rijksmuseum biedt een internationaal podium en het Rijksmuseum heeft lesprogramma’s waarbij duizenden scholieren uit het hele land leren over de rijke geschiedenis van Oss.

Deze argumentatie snijdt geen hout. Musea die géén internationaal podium bieden zijn schaars. Zelfs het Kachelmuseum in Orvelte trekt dagelijks busladingen buitenlandse toeristen. En lesprogramma’s waarbij duizenden scholieren leren over de rijke geschiedenis van Oss zullen alleen maar interessanter worden als de plaats van de vorstengraven bezocht kan worden mét het zwaard, de situla en alle andere kostbaarheden.
En voor wat betreft het veiligstellen destijds van het zwaard, het herstellen en het conserveren door het Rijksmuseum: dat verdient een pluim en dankbaarheid. Het is echter geen grond om het in Leiden te houden. Zoals het redden van een kind uit het water geen grond is om het mee te nemen naar huis.

Kort en goed: er zijn geen doorslaggevende argumenten tégen het permanent tentoonstellen in het Jan Cunenmuseum of elders in de omgeving waar de vondst is gedaan. Dat is geen verrassing want die zijn er simpelweg niet. Het vorstenzwaard, de situla en de honderden voorwerpen moeten worden getoond in de omgeving waar ze zijn gevonden. Niet in Leiden, maar híer heeft de vorst gewoond, híer is hij gestorven en híer moet dat verhaal worden verteld. Daarom horen sarcofagen in Egypte, hunebedden in Drenthe en urnen met vorstenzwaarden in Oss.

Conclusie: de beheerder van het vorstenzwaard, het Rijksmuseum van Oudheden, vindt ‘een langdurig uitleen’ niet wenselijk. Dit betekent dat de vrijstaat zich zal moeten wenden tot de eigenaar: de Staat der Nederlanden. In casu de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen.

Dus, mevrouw Van Engelshoven, beste Ingrid, de vrijstaat klopt spoedig aan uw deur. En denk eraan: wij hebben een kanon!

Theo van Duren
Chef Staatspersbureau

 

|Doorsturen

Arenalokaal in beeld

Laatste nieuws



Vacatures

Specials

Ondernemend nieuws

Faillissementen

Jouw Arena

Meest gelezen

Laatste reacties