Eric Ruijs van bouwbedrijf Ruijs Schaijk
SCHAIJK – Dertig jaar geleden hadden ze plannen om te emigreren naar Nieuw-Zeeland, maar het plan werd op het laatste moment afgeblazen. Eric (50) en Riky (50) Ruijs van Bouwbedrijf Ruijs uit Schaijk bleven uiteindelijk op hun vaste honk. “Ik zou nog best willen vertrekken naar Frankrijk. Rust en geen gejaag. Ik zou me prima aan kunnen passen aan de Franse mentaliteit”, zegt Eric.
Eric, geboren en getogen in Schaijk, is de op een na jongste uit een gezin van zeven kinderen. “De oudste en de jongste zijn meisjes, tussen hen in zitten vijf jongens.” Eric volgt de LTS Ambachtsschool in Uden waar hij zich toelegt op timmeren. Vervolgens doet hij een jaar in Nijmegen om te leren metselen. “Verder studeren kon niet, want Van Dinther kwam me halen. Ik moest gaan werken.” Drie van Erics broers werken al bij bouwbedrijf Van Dinther in Schaijk. “Het was vanzelfsprekend dat ik ook aan zou schuiven bij de bouwondernemer. Ik hoefde niet eens te solliciteren.” Vier broers Ruijs op een rij,Theo, Gerard, Jo, Eric, al snel worden ze De Daltons genoemd. Hoewel niet voor lang. Na een jaar blijven er drie Daltons over. “Ik werkte net een jaar bij Van Dinther, toen Jo omkwam in een auto-ongeluk.”

Eric merkt op dat er rond die tijd veel ongelukken gebeurden. Dus je bent er wel in je hoofd mee bezig, zonder daadwerkelijk te beseffen wat het verlies van een broer betekent. “Mijn moeder had er heel veel moeite mee. Maar in die tijd werd er niet veel over gesproken. Het leven ging gewoon verder.” Het gevoel van het gemis en het onder woorden kunnen brengen van die gevoelens komen eigenlijk pas veel later. “De afgelopen twaalf jaar hebben we afscheid genomen van de echtgenote van Gerard, de broer en moeder van mijn vrouw en de zoon van Theo. Ook mijn ouders zijn jong gestorven. Je maakt dat alles bewuster mee. Je bent zelf een stuk ouder, je hebt kinderen. Op dat moment realiseer je je pas wat het overlijden van een geliefd iemand betekent. En wat voor impact het heeft op een gezin.”
Nieuw-Zeeland
Eric zit sinds 1999 met zijn twee broers, Theo en Gerard, in een VOF. “We speelden al heel lang met het idee een eigen bedrijf op te zetten. Tijdens feestjes hadden we het er steeds over. Op een gegeven moment hebben we de knoop doorgehakt.” Eric, die eerder zijn diploma restauratiemedewerker heeft behaald, slaagt vervolgens, net als Theo, voor zijn aannemersdiploma. Nu sjouwen, timmeren en metselen ze volop huizen en gebouwen. Indien nodig huren ze extra personeel in. “Het leuke aan ons werk is ten eerste dat je altijd met je handen bezig bent, ten tweede, we bouwen iets dat blijft staan. Over twintig jaar staat het huis van Ruijs er nog steeds!”
Voor Eric zelf is het in beginsel helemaal niet zo logisch dat hij de bouw in zou gaan. “Ik werkte vanaf mijn 10de elk weekend als boerenknecht. Geweldig. Ik wilde graag boer worden, maar een eigen boerderij opzetten in Nederland kon in de jaren ’80 niet. Maar in Nieuw-Zeeland wel, dachten we.” Met behulp van een tante die op dat eiland woont, krijgt Eric een baan als bruggenbouwer toegewezen. Vandaar uit zou Eric zijn boerderij starten.“Riky en ik waren klaar voor de reis: Engelse les gevolgd, bij de ambassade alles geregeld. We moesten zelfs trouwen om binnen te mogen.” Maar de boel wordt afgeblazen als de tante bericht dat de baan niet doorgaat en dat de economische toestand in Nieuw-Zeeland instabiel is. “Hier hadden we allebei een baan. Ik in de bouw, Riky op de administratie bij de CHV. We durfden het risico niet te lopen en kozen voor zekerheid.”
Eric is ervan overtuigd dat die beslissing toen goed is geweest. “Nieuw-Zeeland is prachtig om te wonen, maar je vereenzaamt. Je zit in the middle of nowhere. Je kinderen trekken weg, je hebt er geen roots. Mijn tante is daarom teruggekomen.” Maar als Eric nú jong was, zou hij de stap wel nemen. “De wereld is een stuk kleiner geworden. Je bent zo aan de andere kant van de wereld. Afstand zegt mij niet veel.”
Frankrijk
Het verlangen om weg te trekken blijft Eric uitdagen. “We hebben sinds zes jaar een huisje tegen de Pyreneeën, in Frankrijk. Het is er zo rustig en stil. Ik zou er goed kunnen aarden.” Volgens Eric is het Nederlandse leven veel te gejaagd. “Alles moet hier vlug, vlug, vlug. De klus moet gisteren af zijn, terwijl ik denk: morgen is er ook een dag. Alles gaat op afspraak en als die niet wordt nagekomen, loopt alles mis. De Fransen zijn veel rustiger. Als ik daar woonde, zou ik makkelijk terug kunnen schakelen.” Ook de regelgeving speelt hem parten. “Als ik hier een huis wil bouwen, heb ik zo’n pakket aan administratie. In Frankrijk vier A-viertjes.”
Helaas voor Eric zit een definitieve verhuizing naar Zuid-Frankrijk er niet in. Riky zou haar kinderen te veel missen. “We hebben vier kinderen, Kim (23), Tom (22), Nick (19) en Marc (18). Die gaan echt niet mee, ze zijn plaatsgebonden. Maar wat is afstand? Een paar uur rijden en je bent er.”
Sporten
Om dan toch los proberen te komen van het gejaagde leven, is Eric een fanatieke sportbeoefenaar. ‘Ik ga drie keer in de week hardlopen, vijf à zes kilometer. En ik doe aan duiktrainingen in Uden. Vanaf april duiken we in het Grevelingenmeer en in Bergharen. We zijn een keer in Egypte geweest. Daar zwem je gewoon in een aquarium.” Eric geeft aan dat hij met hardlopen begonnen is voor zijn conditie, op advies van de dokter. “Mijn bloeddruk en cholesterol waren te hoog. Ik wilde echter op een gezonde manier het probleem oplossen. Hardlopen was het antwoord. En wist je dat hardlopen ook verslavend werkt?”
In de toekomst hoopt Eric langer en vaker naar zijn huis in Frankrijk te kunnen gaan. “En verder moet ik werken, tot mijn 67ste. Dat vind ik helemaal niet erg, als ik maar gezond blijf. Ik ben altijd graag bezig. Onze buren in Frankrijk zijn Engelsen. Hij is continu aan het klussen. Dat lijkt me later ook wel wat.”
Simone van de Wijdeven








