SCHAIJK – “Elke ochtend start ik met een kop koffie bij mijn ouders, die hierachter wonen. Als ik niet kom, zoals vandaag, moet ik me afmelden.” Anja Maathuis-Spijkers (46) van Bruna Schaijk loopt al heel haar leven in en uit de winkel. “Als meisje van tien jaar vertelde ik onze hulp Dory van vijftien hoe ze de winkel moest doen. Ernstig hè, zo’n snotaap die het wel eens even zou vertellen.”
Terwijl vader Spijkers zijn schoonzoon Benno (51), die al op zijn plek in het postkantoortje staat, verwent met twee beschuitjes en een kopje thee, is Anja deze ochtend ietwat onrustig. ’s Nachts hebben een paar lui de kerstverlichting buiten vernield en zojuist heeft een van onze medewerksters haar ontslag ingediend. “Ik vind het zo jammer, maar ik begrijp het wel. Ze is jong, ze wil meer leren en vooruit. Dat zou ik ook doen. ” Typisch Anja: vooruitstrevend zijn.
Firma SpijkersBoekhandel Bruna is ooit begonnen als Sigarenmagazijn Firma Spijkers. “Mijn oma is in 1933 gestart. Ze heeft de ramen vrijgemaakt in de woonkamer om sigaren en sigaretten te verkopen. Mensen die naar de kerk waren geweest, kwamen dan langs om die rookwaren te kopen.” Anja’s ouders breiden de winkel uit in 1963. Kaarten, schrijfwaren en wat lectuur worden aan het assortiment toegevoegd. Maar de afdeling boeken wordt serieus uitgebreid als Anja en Benno de zaak overnemen in 1997. “We hebben ons op de boeken geconcentreerd. We hebben een behoorlijk assortiment aan boeken voor een dorp als Schaijk.”
Voor Anja, die ter wereld is gekomen in de slaapkamer boven de toonbank van de winkel, is het altijd een vanzelfsprekendheid geweest dat ze de winkel over zou nemen. “Het ondernemersbloed zit wel in de familie. Mijn moeder is de dochter van een smid uit Berghem. Ze verkochten ook fietsen en huishoudelijke spullen. Mijn vader deed naast de winkel ook de post, voorsorteren, rondbrengen. Hij begon ’s morgens om vijf uur, kwam vroeg thuis en hielp ’s middags in de winkel, zodat mijn moeder het huishouden kon doen.” Het huishouden en het werk zijn bij de familie Spijkers continu verweven met elkaar. Maar Anja deert dat niet. “Als ik vriendinnetjes had om te spelen, speelden we winkeltje. Erg hè? Van ons pap mochten we met echt geld spelen. Elke dag haalde hij alleen het papiergeld uit de kassa, de munten liet hij liggen. Die mocht ik gebruiken om mee te spelen.”
Met de komst van de vijftienjarige Dory in de winkel raakt Anja nog meer betrokken bij de zaak. “Dat vond ik machtig interessant. Ik werkte haar in, terwijl ik vijf jaar jonger was. Daarbij had ik een kleiner broertje, nu had ik ook een grote zus. Bij haar kon ik altijd mijn verhaal kwijt. Dory werd mijn grote voorbeeld.” De klik tussen de twee dames is altijd gebleven, want Dory werkt nog steeds in de zaak. “Toen ik haar vroeg terug te komen nadat ze een poos thuis was gebleven voor haar kinderen, zei ze meteen ja. Inmiddels werkt ze zo’n 35 jaar bij ons.”
Positief
Anja volgt een particuliere opleiding voor vakbekwaamheid voor de kantoorvakhandel en behaalt haar ondernemersdiploma. Ze leert er hoe een fax werkt en een typemachine. Ze lacht. “Daar kun je je nu toch niets meer bij voorstellen? Nu heb je Facebook, Hyves, e-reader, smartphone. Waar hebben we het over?” Maar Anja weet heel goed waar ze het over heeft. “Ik vind het belangrijk om alles bij te houden. Ik heb een smartphone en pas vroeg ik aan mijn zoon Luuk (18) om even een app te downloaden om QR-codes van de Bruna te kunnen scannen. Mijn zoon begreep eerst niet waar ik het over had. Dan geniet ik. Dat mijn kinderen zelf ook na moeten denken over de nieuwe technieken waar ik het over heb.”
Bijblijven en vooruitgang kenmerken Anja’s karakter. “Ik ben ervan overtuigd dat stilstand achteruitgang betekent. Je kunt iedereen en alles wel overal de schuld van geven, het is de crisis, het is de concurrentie. Maar je draagt zelf ook een verantwoordelijkheid. Ik probeer in het negatieve een uitdaging te zien om het positief te maken. Ik ben continu op zoek naar verbetering.” Zo bekijkt ze elke keer opnieuw haar winkel. “Ik loop de winkel uit en kom binnen en probeer me voor te stellen hoe de klant die winkel ziet. En dan denk ik: nee, die tijdschriften moeten anders of de enveloppen liggen net verkeerd. Ik probeer er steeds creatief mee om te gaan. En dan moeten mijn collega’s wel eens lachen, maar ik wil het perfect hebben.”
Perfectionist
Dankzij haar optimisme kan Anja zich redelijk snel over teleurstellingen heen zetten, mits het haar niet belemmert in haar drang om vooruit te gaan. “Als iets tegenzit, ben ik er na een dag of twee wel weer overheen. Maar de teleurstelling die ik had omdat de bouw niet doorging, duurde wel langer. Ik wilde zo graag vooruit.” Ze meent dat ze die drive om verder te gaan van haar vader heeft geërfd. “Ons pap wilde ook steeds verder uitbreiden, groter worden. Ons mam was veel behoudender. Zou je dat wel doen, zei ze dan. Maar ik merk dat ik dat ook heb: uitbreiden, groter, mijn winkel pimpen. Bij ons is het juist Benno die mij moet afremmen.”
Behalve positief, noemt Anja zichzelf ook perfectionistisch en een controlfreak. “Er mag niets verkeerd liggen in de winkel, maar ook niet thuis. Een ding op de grond en het is al rotzooi. Voordat ik vertrek naar mijn werk ’s morgens is mijn bed opgemaakt, aanrecht opgeruimd, douche en wastafel uitgedroogd. Het ziet er altijd keurig uit.”
Anja is steeds druk bezig, niet alleen met allerlei activiteiten en commissies zoals Schaijk Werelddorp, maar ook in haar hoofd. “Dat is een groot nadeel van een eigen zaak. Het zit altijd in je hoofd.” Echt altijd? “Als ik op vakantie ben niet. Want dan kan ik niets controleren. Maar dan moeten ze me niet bellen, want dan begint het meteen te malen.” Een goede ontspanning voor Anja is lezen. “Ik heb altijd graag gelezen. Als kind pakte ik de zaklamp om onder mijn deken te lezen, als ik van ons mam eigenlijk al hoorde te slapen. Ik heb altijd een stapel boeken liggen die ik nog wil lezen, in alle genres.” Meer lezen en meer tijd voor zichzelf en haar jongens Luuk en Jaap (14) zijn twee voornemens voor de komende tijd. Maar Anja zou Anja niet zijn als ze niet van plan zou zijn om nog één keer de winkel flink onder handen te nemen.
Simone van de Wijdeven








