Ik kan er bijna gif op innemen: als op een druilerige zondagmiddag bij mij de bel gaat, staat er een Jehova-getuige aan de deur. En als ik geluk heb twee. Omdat ik het als een heilige opdracht zie om in dit leven minimaal één lid van deze simpeldenkende sekte van het geloof af te brengen, nodig ik hen altijd uit voor een kop koffie. De jongeman die ik dit keer in mijn netten dacht te strikken bleek niet gezegend met de gave van het woord. Hij stotterde meer dan ik op een druilerige zondagmiddag kan verdragen.
“Dedede wewewereld is een reus op lélémen vvvvvvoeten”, sprak hij. Een mededeling waar best vraagtekens bij te plaatsen zijn, maar ik waagde me er niet aan. Dit ene korte zinnetje had hem dik twee minuten gekost en ik had om acht uur ’s avonds een afspraak die ik niet wilde missen. Na de tweede kop koffie eindigde ik het gesprek met een smoes en stond op om hem naar de deur te begeleiden. Hij liet een Wachttoren achter op tafel. Het voorblad toonde een tafereel van waar het allemaal om begonnen is: het hemels paradijs. Een groene weide omzoomd door bos, een lieflijk beekje, blije mensen en heel veel dieren. Nu ben ik tegen de natuur, tegen de dieren en van blije mensen word ik erg depressief, dus u begrijpt dat de plaat zijn doel lelijk voorbij schoot. Maar dit terzijde, want de stotteraar zette een slotoffensief in. “Slè-slè-slèchts hôôô-hôôô-hôôônderd vievievierenvvvvveertig d-d-d-d-duizend zu-zu-zu-zullen uitverkoren zijn”, wierp hij me in de gang voor de voeten, zichtbaar opgelucht over de vlot verlopen laatste twee woorden. Met dit dreigement verwees hij naar Openbaring 14:1 “En ik zag en zie, het Lam stond op de berg Sion en met hem 144.000 op wier voorhoofden zijn naam en de naam zijns Vaders geschreven stonden”. Uit deze zinsnede wordt door de Jehova-organisatie de conclusie getrokken dat slechts 144.000 mensen (uitsluitend Jehova-getuigen) in aanmerking komen voor een toegangsbewijs tot de hemel. Bij de deur informeerde ik nog even belangstellend naar de omvang van zijn club. Ik vat zijn antwoord even samen: “Al meer dan 200.000!”



Column